Aanbod 3de graad

Home / Aanbod 3de graad

Hoe een geschikte studierichting vinden?

De derde graad is een determineringsgraad. D.w.z. dat je de keuze maakt om de volledige graad in één en dezelfde studierichting te doen. Het is daarbij van groot belang om de juiste keuze te maken. Kies naar gelang je kennen, je kunnen en je zijn of persoonlijkheid; gebaseerd op je ervaringen uit de vorige twee graden en hoe jij in de wereld staat. Ben je sterk in een welbepaald domein en ligt jouw interesse daar ook, kies dan weloverwogen.

Net als in de tweede graad zijn er in de derde graad 4 domeinen ingericht:

Derde graad:

  • Economie – moderne talen
  • Economie – wiskunde
  • Economie – wiskunde +
  • Retail assistent en logistiek
  • Retail assistent en visual merchandising
  • 7de specialisatie: Retailmanagement en visual merchandising
  • Accountancy en IT
  • Marketing en ondernemen
  • Office management en communicatie

Derde graad:

  • Humane wetenschappen
  • Humane wetenschappen – wiskunde +
  • Sociaal en technische wetenschappen
  • Verzorging
  • 7de specialisatie: Kinderzorg
  • 7de specialisatie: Thuis- en bejaardenzorg

Derde graad

  • Economie – wiskunde
  • Economie – wiskunde +
  • Latijn – wetenschappen
  • Moderne talen – wetenschappen
  • Wetenschappen – wiskunde
  • Grieks – wiskunde
  • Grieks – wiskunde +
  • Latijn – wiskunde
  • Latijn – wiskunde +
  • Sociale en technische wetenschappen

Derde graad

  • Economie – moderne talen
  • Grieks – Latijn
  • Grieks – Wiskunde
  • Grieks – Wiskunde +
  • Latijn – moderne talen
  • Latijn – wetenschappen
  • Latijn – wiskunde
  • Latijn – wiskunde +
  • Moderne talen – wetenschappen

3DE GRAAD

ASO

In de 3de graad ASO biedt OLVI de keuze uit elf studierichtingen met in de meeste studierichtingen verschillende opties. Een studierichting in de derde graad is tweepolig. Dit betekent dat je bij de keuze voor een studierichting kiest voor twee groepen van poolvakken.
De elf studierichtingen hebben elf van de tweeëndertig lesuren dezelfde vakken en leerplannen, namelijk Nederlands, geschiedenis, godsdienst, lichamelijke opvoeding en esthetica. De rest van de lesuren wordt bepaald door de poolvakken.
In elk poolvak zet je de eerste stappen in onderzoekscompetenties: hoe doe je aan wetenschappelijk onderzoek? Bij elke pool horen ook seminaries. Ze bieden thema’s aan die de leerinhoud van de poolvakken aanvult. De werkvormen en de evaluatiewijze in de seminaries laten je toe om competenties te verwerven die van belang zijn in het hoger onderwijs.
Veranderen van studierichting tussen het vijfde en het zesde jaar kan niet. Je kiest in het vijfde jaar dus voor de volledige graad. Eigen onderzoek bij afgestudeerden wijst uit dat zeven van de tien OLVI-leerlingen in het hoger onderwijs verder studeren in een studierichting die aansluit bij hun poolvakken. Een goede keuze gebaseerd op je capaciteiten en je interesses is dus belangrijk. De onderstaande korte beschrijving van de polen kan je houvast bieden bij je keuze.

In: economie-moderne talen, economie-wiskunde

 

 

 

 

 

Waar je in de tweede graad vooral inzicht verwerft in de wereld waarin je leeft, krijgt de leerstof algemene economie in de derde graad een meer analytisch karakter. De analyse moet leiden tot een inzicht in de kracht en de beperkingen van de markteconomie en tevens in het feit waarom bepaalde economieën succesvoller zijn dan andere in het creëren van materiële welvaart en in de verdeling ervan, ook onder de zwakkeren.
Naast algemene economie worden ook de verschillende aspecten van het ondernemen behandeld in het gedeelte bedrijfswetenschappen. Hier behandel je vijf dimensies: ondernemen is visie ontwikkelen, ondernemen is toegevoegde waarde creëren, ondernemen is samenwerken, ondernemen is toegevoegde waarde verdelen en ondernemen is prestaties evalueren.
In het zesde jaar speel je gedurende twee dagen het bedrijfsspel Ecoman. Het seminarie financiële algebra (een kruispunt tussen economie en wiskunde) en het seminarie economie zijn opties.

In: Grieks-Latijn, Grieks-wiskunde

Aan de hand van de lectuur van Griekse teksten kom je tot het inzicht dat de Grieken hun taal hebben verheven tot een instrument waardoor zij hun ideeën genuanceerd konden verwoorden.
Het Grieks is dan ook een taal waarin filosofen, dichters, historici en dramaturgen zich verfijnd wisten uit te drukken. Dit alles brengt mee dat de studie van de Griekse taal een belangrijke bijdrage kan leveren tot de vorming van abstract taalkundig denken, tot de zin voor analyse, alsook tot de ontwikkeling van nauwkeurigheid.
Je bestudeert nu meesterwerken van de Griekse literatuur.

In: Humane wetenschappen

In de poolvakken cultuur- en gedragswetenschappen worden begrippen, relaties en structuren uit de tweede graad uitgebreid, op meer complexere verschijnselen toegepast en wetenschappelijk breder en dieper onderbouwd. De aangrijpingspunten zijn nu vaak meer abstract en minder aan de eigen leef- en ervaringswereld gebonden. Relaties tussen verschijnselen worden vaker dan in de tweede graad gelegd vanuit overkoepelende theorieën en modellen. Het innemen en verwoorden van standpunten vereist een doorgedreven analyse en het in acht nemen van een groter aantal parameters. In de derde graad gaat de aandacht uitdrukkelijk naar de wijze waarop in humane wetenschappen kennis wordt opgebouwd en verspreid.
De onderzoeksvaardigheden worden ontwikkeld aan de hand van relatief open opdrachten. Je werkt aan opdrachten (bijvoorbeeld een werkstuk, een project, groepswerk, …) waarin het accent eerder ligt op de (abstracte) conceptfase dan op de (concrete) uitvoeringsfase. Je leert communiceren door agogische vaardigheden toe te passen en groepsdynamische processen te beheersen.
In het seminarie humane wetenschappen zal je aan de hand van een actueel thema zelf aan onderzoek doen.

In: Grieks-Latijn, Latijn-moderne talen, Latijn-wetenschappen, Latijn-wiskunde

Latijn is een taal die aan strakke regels en wetmatigheden gebonden is en leent zich dan ook uitstekend voor zakelijke, retorische, historische en juridische teksten. Door haar eigen aard draagt de studie van de Latijnse taal bij tot de vorming van het logisch denken en van het abstractievermogen.
De lectuur van Vergilius en Horatius confronteert je dan weer met gevoelige dichtkunst en met uitingen van de Romeinse beschaving en cultuur. Zo kom je in contact met een van de pijlers van de westerse wereld.
Het seminarie filosofie en cultuur introduceert het filosofisch denken en onderzoekt de beeldcultuur.

In: moderne talen-wetenschappen, Latijn-moderne talen, economie-moderne talen

De aandacht gaat op de eerste plaats naar het ontwikkelen van je communicatieve vaardigheid. Doel: een gemakkelijker contact met anderstaligen, een verruiming van de toegangsmogelijkheden tot wetenschappelijke en culturele bronnen en een kritische omgang met de huidige lees- en beeldcultuur.
Je breidt je woordenschat verder uit en je scherpt je grammaticaal inzicht vooral functioneel aan. Je maakt kennis met literaire hoogtepunten uit het verleden, maar ook met de literatuur van vandaag.
Een seminarie Engels/Duits of een seminarie Engels/Frans zijn opties.

In: wetenschappen-wiskunde, moderne talen-wetenschappen, Latijn-wetenschappen

In de vakken biologie, chemie en fysica worden tijd en aandacht besteed aan het verzamelen en inzichtelijk verwerken van feitenmateriaal.
Concreet betekent dit:
het zien en formuleren van een probleem,
het opstellen van een hypothese,
het toetsen van de hypothese door experimenten,
het logisch beredeneren van de vaststellingen,
het formuleren van besluiten die geconfronteerd worden met het uitgangspunt of met het hoofdprobleem waarbij verbanden worden gelegd.
Deze wetenschappelijke methode laat je toe om inzichten te verwerven en technieken aan te leren samen met een verantwoorde attitude tegenover de natuur. Je zal een hoog abstractieniveau bereiken en grotere formule-en oplossingsvaardigheden nastreven.
OLVI richt twee wetenschappelijke seminaries in. Het seminarie wetenschappelijke literatuur laat je kennis maken met recente wetenschappelijke ontwikkelingen. Je zal hierover zelf schriftelijk of mondeling leren communiceren. Het seminarie fysica laat je op zelfstandige basis nieuwe inzichten verwerven.

In: economie-wiskunde, Grieks-wiskunde, Latijn-wiskunde, wetenschappen-wiskunde

In de studierichtingen met de component wiskunde bereik je een hoog niveau van abstract-analytisch en probleemoplossend denken. Het spreekt dan ook voor zich dat een behoorlijke interesse en vaardigheid in wiskunde vereist zijn om in deze studierichtingen te slagen.
Je breidt in de derde graad je wiskundig instrumentarium uit en daartoe behandel je uiteenlopende onderdelen:
de algebra leert je methoden voor het oplossen van vergelijkingen, ongelijkheden en stelsels,
in de meetkunde ontwikkel je je inzicht in ruimtelijke situaties,
analyse leert je technieken om het gedrag van functies van een variabele te bestuderen en te beschrijven,
statistiek geeft methodes voor het verzamelen, verwerken en interpreteren van gegevens,
de kansrekening ontwerpt technieken om te komen tot verantwoorde voorspellingen en beslissingen.
Daarnaast ontwikkel je ook de vaardigheid voor het verwoorden van wiskundige concepten, probleemstellingen en logische argumentaties. Bovendien staan attitudes als kritische zin, zin voor nauwkeurigheid en zin voor helderheid en bondigheid centraal in deze studierichting.
Wie zijn wiskundige kennis wil verdiepen en zo gebeten is door de wiskunde dat het geen enkele moeite is om hierin wat extra tijd te investeren, kan in de derde graad gedurende twee uur per week kiezen voor het seminarie wiskunde. Hierin worden niet alleen de klassieke onderdelen verder uitgediept, je verkent ook enkele nieuwe domeinen van de wiskunde. Daarnaast zal je door individuele opdrachten en groepsopdrachten ook in ruime mate de gelegenheid krijgen om je onderzoeks­competenties verder te ontwikkelen.

TSO

Een studierichting voor jou?

 

 

 

 

 

Je hebt een uitgesproken interesse voor het bedrijfsleven? Je nieuwsgierigheid wordt gewekt door de organisatie van de boekhouding en de informaticatoepassingen die daarbij horen? Je hebt een stevige praktische wiskundige basis en je kan analytisch denken en probleemoplossend werken? Werken op de computer is voor jou meer dan computerspelletjes spelen? Je hebt interesse voor de evolutie van de ICT-wereld (informatie- en communicatietechnologie-wereld)? Je bent bereid om zelfstandig, ordelijk en nauwkeurig te werken? Dan is de studierichting accountancy en IT misschien wel iets voor jou.
Wat mag je verwachten?

Het is duidelijk, voor deze studierichting is meer nodig dan graag achter de computer zitten. De klemtoon in deze studierichting ligt vooral op de bedrijfseconomie en informatica met ruime aandacht voor wiskunde. Een grondige beheersing van het Nederlands wordt nagestreefd, samen met een praktische kennis van Frans en Engels. Talenkennis is immers noodzakelijk voor iemand die in de handelswereld aan de slag wil.
Deze studierichting biedt binnen het algemeen vormend gedeelte veel ruimte voor de ontwikkeling van taalvaardigheden en voor wiskunde als ondersteuning voor de informaticatoepassingen.
Daarnaast is er een sterke bedrijfseconomische vorming met aandacht voor de dubbele boekhouding, kostprijsberekening en investeringsanalyse. Ook de verschillende beleidsaspecten van de onderneming worden onder de loep genomen. Je maakt kennis met het bedrijfsleven door het opstellen van een ondernemingsplan en via bedrijfsbezoeken en gastsprekers uit de praktijk. Om tot een analyse van de jaarrekening te komen wordt er gebruik gemaakt van het bedrijfsspel ECOMAN dat de theorie in praktijk omzet. Er gaat veel aandacht naar de toegepaste informatica, waarbij je leert programmeren om bedrijfsadministratieve problemen op te lossen
En na de 3de graad?

Met dit diploma ben je goed voorbereid om de bedrijfswereld in te stappen.
Na het zesde jaar ben je tevens in het bezit van het attest bedrijfsbeheer bedrijfsbeheer waarmee je je als zelfstandige kan vestigen.
Je kan ook verder studeren met het oog op een professionele bachelor in de studiegebieden bedrijfsmanagement, informatica of het onderwijs.

Een studierichting voor jou?

Je hebt grote belangstelling voor het bedrijfsleven en voor de verscheidenheid aan commerciële en administratieve taken binnen de hedendaagse onderneming? Je hebt voldoende aanleg voor talen en je beseft dat je in de handelswereld niet zonder kan? Je bent bereid om zelfstandig, ordelijk en nauwkeurig te werken? Je hebt geen problemen met sociale contacten? Je hebt oog voor de snelle veranderingen in de bedrijfswereld? Je ziet in dan permanente vorming in deze branche noodzakelijk is? Dan zit je in de studierichting marketing en ondernemen op je plaats.
Door de studierichting marketing en ondernemen te kiezen, kies je voor de meest polyvalente studierichting binnen het handelsonderwijs. Ze bereidt je voor op een loopbaan in het bedrijfsleven, de dienstensector of de overheidsdiensten.
Wat mag je verwachten?

Naast een ruime bedrijfseconomische vorming wordt er een grondige kennis van het Nederlands, een praktische kennis van het Frans en Engels en een basiskennis van Duits nagestreefd.
Bij de talen staan de communicatieve vaardigheden – spreken, luisteren, schrijven en lezen – in een bedrijfseconomische context centraal. Wiskunde is vooral gericht op rekenvaardigheden en op specifieke toepassingen binnen de handelssector.
Het vak bedrijfseconomie bestaat uit drie grote delen: de onderneming en haar omgeving, het werken in een onderneming en het beleid van een onderneming. Elk deel wordt bekeken vanuit verschillende contexten, namelijk de economische, de boekhoudkundige, de commerciële, de fiscale en de juridische context. Daarbij wordt er ook aandacht besteed aan de communicatieve en computervaardigheden. Bedrijfsbezoeken en gastsprekers uit het bedrijfsleven zorgen ervoor dat de leerinhouden in reële contexten geplaatst worden. In het laatste jaar neem je ook deel aan een bedrijfsspel, wat ook de rode draad voor je geïntegreerde proef vormt.
Marketing en ondernemen is een praktijkgerichte studierichting die steunt op een stevige theoretische basis. Deze commerciële studierichting bereidt je voor op verder studeren in het hoger onderwijs. Het is een brede en evenwichtige vorming die bijzondere aandacht geeft aan werkvormen die naast kennis ook de attitudes en vaardigheden trainen.
En na de 3de graad?

Met dit diploma ben je goed voorbereid om verder te studeren met het oog op een professionele bachelor in het studiegebied bedrijfsmanagement. De meeste afgestudeerden kiezen hier ook voor. Je kan echter ook rechtstreeks de beroepswereld in te stappen.
Naast je diploma beschik je bovendien over het attest bedrijfsbeheer waarmee je je als zelfstandige kan vestigen.

Een studierichting voor jou?

Algemene interesse voor het bedrijfsleven is een must. Je werkt graag actief met softwarepakketten en je hebt oog voor organisatie. Je weet dat het stipt en correct uitvoeren van opdrachten belangrijke attitudes zijn. Je voelt je verantwoordelijk voor je werk. Daarnaast beschik je over een degelijke basiskennis van en voldoende aanleg voor talen. Je bent bovendien communicatief vaardig en je laat je talenkennis maximaal renderen. Je vindt het belangrijk om te kunnen bijdragen tot de kwaliteit van de externe relaties van het bedrijf waarin je werkt, dan ben je de geknipte man of vrouw voor deze studierichting.
Wat mag je verwachten?

Zowel kleine als grote bedrijven hebben in toenemende mate te maken met buitenlandse contacten. Degelijke administratieve medewerkers die vlot in meerdere talen communiceren, zijn dan ook onmisbaar. In deze studierichting leer je de vaardigheden die je in staat stellen de meertalige rechterhand te worden van een bedrijfsleider of manager: onthaal, elektronisch agendabeheer, ondersteuning van zakenreizen, organisatie van vergaderingen en zakenlunches, elektronisch presenteren en publiceren.
Deze studierichting is opgebouwd rond twee pijlers: taalbeheersing en office management. Toch gaat in deze studierichting nog heel wat aandacht naar de algemene vorming in functie van de persoonlijke ontplooiing en van de verdere studiemogelijkheden in het hoger onderwijs.
De opleiding in vier talen vertrekt van een stevige basis en concentreert zich op praktische taalkennis: hoe druk ik mij zo vlot en correct mogelijk uit. Je leert je mondeling en praktisch taalgebruik verfijnen en dit zowel in gewone conversaties als in een bedrijfsgerichte context. Er wordt extra aandacht besteed aan zakelijke communicatie zoals brieven versturen, telefoons beantwoorden, faxen, mailen, netwerken en agendabeheer.
Daarnaast krijg je ook nog een opleiding in gevarieerd secretariaatswerk. De cursus tekstverwerking heeft aandacht voor typevaardigheden en beheersing van nieuwe technologieën. Je leert op een efficiënte manier professionele informaticapakketten gebruiken.
Je maakt kennis met basiselementen van burgerlijk recht, handelsrecht, sociale wetgeving en praktische toepassingen op de fiscaliteit
In het zesde jaar ben je verplicht een stage van twee weken te lopen in een meertalige onderneming of instelling uit de regio. Het doel van deze stage is om de schoolse kennis niet alleen te toetsen aan de werkelijkheid, maar ook te verbreden en te verdiepen en waar kan dit beter dan in de reële werkomgeving van een management assistent.
En na de 3de graad?

Met dit diploma ben je goed voorbereid om als afdelingssecretaris/secretaresse of in een andere administratieve functie de beroepswereld in te stappen.
Je hebt echter ook ruime kansen om door te stromen naar een opleiding professionele bachelor (bedrijfsmanagement, communicatiebeheer, journalistiek, rechtspraktijk, …).

Een studierichting voor jou?

Je hebt aandacht voor de mensen rondom u? Je bent nieuwsgierig naar hun fysiek, psychisch en sociaal welzijn? Maar ook voeding en milieu boeien je? Je bent bereid om een aantal technische en agogische vaardigheden te ontwikkelen? Dan zit je goed in STW!
Wat mag je verwachten?

In deze studierichting werk je verder aan de verkenning van de wisselwerking tussen mens, voeding en milieu en je eigen positie daarin. Je krijgt een wetenschappelijke onderbouwing vanuit natuurwetenschappen en sociale wetenschappen. Bovendien ontwikkel je sociale, technische, organisatorische, creatieve en expressieve vaardigheden.
Je leert ook natuurwetenschappelijke en sociaal wetenschappelijke thema’s onderzoeken en sociale activiteiten te organiseren, aangepast aan verschillende doelgroepen.
Het vak sociale wetenschappen biedt je de mogelijkheid om sociaal vaardig te worden. Je bespreekt de levensloop van de mens, van bij de bevruchting tot aan de dood. Je staat stil bij de cognitieve processen en de biologische factoren die een grote rol spelen in ons leven. Het gedrag van de mens wordt ook onder de loep genomen.
Tenslotte buig je je ook over het rechtssysteem in België en de rechten van de mens.
In de integrale opdrachten krijg je de kans om je competenties van de studierichting te verwerven en te ontwikkelen: je leert je kennis, vaardigheden en attitudes aan te wenden in een welbepaalde situatie. Zoals in de tweede graad word je terug aangesproken op je kritische zin, creativiteit en probleemoplossend vermogen. De opdrachten alsook de verwachte competenties groeien in complexiteit en moeilijkheidsgraad.
En na de 3de graad?

Heel wat jongeren stromen door naar voortgezette opleidingen in de sociale, agogische, gezondheids- en onderwijssector.

BSO

Een studierichting voor jou?

 

 

 

 

 

Ben je praktisch aangelegd? Beschik je over een zekere dosis commercieel talent? Ben je sociaal, vlot in de omgang, correct en stressbestendig? Ben je bereid om je aan te passen aan de eisen van de winkel? Ben je creatief, ordelijk, stipt, eerlijk, discreet en flexibel? Kan je samenwerken en initiatief nemen? Kan je zelfstandig werken en verantwoordelijkheid nemen? Heb je een correcte houding en hanteer je een verzorgde taal? Dan zitten ze in de verkoopwereld op jou te wachten!
Op OLVI heb je de keuze uit 2 richtingen. Enerzijds heb je de richting retail assistent met als keuzemodule logistiek en anderzijds heb je de richting retail assistent met als keuzemodule visual merchandising.
Wat mag je verwachten?

In de studierichting retail assistent word je opgeleid tot winkelbediende en verkoopmedewerker in de groothandel. Het is een praktijk- en bedrijfsgerichte vorming met stages
Zowel in de richting logistiek als in de richting visual merchandising krijg je het basispakket ‘retail’.
In dit pakket leer je in de winkelklas maar ook op de winkelvloer, tijdens je stages, de taken van een retailmedewerker op praktijkgerichte wijze. Je leert zelfstandig food en non-food artikelen in ontvangst te nemen, ze op een overzichtelijke wijze opslaan in het magazijn om ze vervolgens op de juiste manier in de winkel aan te vullen. Je verzorgt eveneens de presentatie van de goederen in de winkel.
Je kiest twee branches waar je graag stage zou lopen. Je gaat op zoek naar productinformatie om de klant maximaal te adviseren tijdens het verkoopgesprek. Je onthaalt klanten in de winkel, je bedient de kassa en bent ook verantwoordelijk voor de service naar de klant toe.
Voor het verwerken van de informatie maak je gebruik van een ver doorgedreven ICT-kennis
Kies je voor de richting retail assistent met als keuzemodule logistiek dan krijg je nog een pakket ‘logistiek’.
In deze lessen ligt de nadruk op het op een efficiënte en correcte manier ontvangen en opslaan van goederen. In het magazijn leer je de goederen verzendklaar te maken. Uiteraard komt bij dit alles je ver doorgedreven ICT-kennis van pas. Je registreert zowel de ontvangen als verzonden goederen in de voorraadadministratie.
Kies je voor de richting retail assistent met als keuzemodule ‘visual merchandising’ dan krijg je nog een pakket ‘visual merchandising’.
In deze lessen leer je zelfstandig een presentatie ontwerpen. Je werkt op basis van levensechte opdrachten die door retailers worden aangereikt. Met behulp van software ontwikkel je een presentatieschets. Tevens ontwerp je de nodige decoratieve elementen waarbij je aandacht hebt voor kleur en stijl.
Als je presentatie op punt staat ga je deze zelf in de etalage of in de winkel uitvoeren.
In deze studierichting wordt ook de nadruk gelegd op de taalkundige vorming. De praktische taalvaardigheden luisteren en spreken in zowel het Nederlands, Frans als het Engels worden extra ingeoefend. Er gaat ook veel aandacht naar een grondige taalkundige voorbereiding van verkoopgesprekken. Ook de telefonische communicatie krijgt veel aandacht.
Tijdens de stages maak je kennis met het werkveld. Je leert werken als winkelbediende in een bepaalde detailhandel. Bepaalde verkooptaken voer je zelfstandig uit. Voor andere taken werk je als uitvoerende bediende onder leiding van een directe verantwoordelijke of een zelfstandige winkelier. Bij de stages liggen de klemtonen op gespecialiseerde taken, waar je meer inzicht kunt verwerven in winkelbeleid, verkoop en verkoopaspecten van het etaleren.
En na de 3de graad?

Na deze studierichting kan je gaan werken in grote of kleine handelszaken.
Na het zesde jaar behaal je het getuigschrift van het secundair beroepsonderwijs. Wil je het diploma secundair onderwijs behalen, dan volg je nog het zevende jaar retailmanagement en visual merchandising. Na het zevende jaar kan je zelfstandig een zaak starten, maar ook hogere studies beginnen.

Een studierichting voor jou?

 

 

 

 

 

Je wilt een opleiding waarmee je zo snel mogelijk op de arbeidsmarkt terecht kan? Je draagt je medemens een warm hart toe en je steekt graag de handen uit de mouwen? Je bent erg praktisch ingesteld? Je wil je graag nuttig maken als verzorgende in een bejaardentehuis, in kinderopvangcentra of de thuiszorg.
In de derde graad ligt de nadruk op professionele zorg. Je leert totaalzorg op maat bieden en dit zowel aan jonge kinderen als aan oudere zorgvragers. Je leert dit doen met een warm hart, vanuit een totale mensvisie en in teamverband. Je werkt op een methodische wijze en leert rekening houden met basisprincipes op het vlak van hygiëne, zelfzorg, milieu, veiligheid, … .Je begeleidt activiteiten aangepast aan de leefwereld en de mogelijkheden van de zorgvragers.
Naast sociale vaardigheden leer je ook praktijkgerichte verzorgingstechnieken. Vanaf het vijfde jaar bouw je praktijkervaring op via de stages. Je doorloopt hierbij de verschillende domeinen: kinderopvang, ouderenzorg en thuiszorg. Door de stages maak je kennis met het werkveld. In verzorgingsinstellingen leer je via diverse stappen totaalzorg toepassen bij kinderen en oudere zorgdragers.
Belangrijk is dat je een medisch geschiktheidsattest van een arbeidsgeneesheer nodig hebt voor je aan deze studierichting kan starten. Informeer hiervoor op school of bij het Centrum voor leerlingenbegeleiding (CLB).
Wat mag je verwachten?

In het vak pedagogisch handelen leer je kwaliteitsvolle zorg verlenen aan zowel jonge als oudere zorgvragers. Dit vergt belangrijke attitudes, vaardigheden en inzichten die je worden aangeleerd en die je kan inoefenen.
Ook het vak gezondheid en welzijn neemt wekelijks heel wat uren in beslag. Hier verwerf je gaandeweg deskundigheid in de totaalzorg voor kinderen en bejaarden. Aspecten van EHBO (eerste hulp bij ongevallen), aanpassing aan het dagelijks leven, gezondheidsvoorlichting, … maken ook deel uit van dit vak.
In het vak indirecte zorg draait het om de zorg voor de woonomgeving, het textiel en de voeding van de zorgvrager. Je probeert voor de zorgvrager gunstige voorwaarden te scheppen, die leiden tot zelfontplooiing en zelfinstandhouding van de zorgvrager.
In het vak project is er ruimte om geïntegreerd te werken, ervaringen van op stage of vakkennis zijn hier vaak het uitgangspunt. Verschillende thema’s komen aan bod, zo leer je zelfstandig of in groep informatie verwerven en verwerken rond algemene welzijnszorg.
Elk trimester ga je gedurende enkele weken op stage. Hierbij maak je kennis met het werkveld. Je leert via diverse stappen totaalzorg toepassen bij kinderen van 0 tot 3 jaar in kinderdagverblijven en bij oudere zorgvragers in een rust- en verzorgingsinstelling.
En na de 3de graad?

Na deze studierichting kan je gaan werken in de kinderopvang, rust- en verzorgingstehuizen, thuiszorg, gezinszorg of kraamzorg.
Na het zesde jaar behaal je het getuigschrift van het secundair beroepsonderwijs. Wil je het diploma secundair onderwijs behalen, dan kan je in OLVI nog het zevende jaar kinderzorg of thuis- en bejaardenzorg volgen. Na het zevende jaar kan je hogere studies beginnen.

Een studierichting voor jou?

Vanzelfsprekend hecht je veel belang aan verantwoordelijkheid, sociale ingesteldheid, echtheid, inzet en kunnen omgaan met kinderen. Tevens wordt er van je verwacht dat je planmatig handelt en correcte beslissingen neemt, waarbij je steeds rekening houdt met het beroepsgeheim.
Deze studierichting wil je rechtstreeks voorbereiden op een job in de kinderzorg zoals kinderdagverblijven, kinderkribben, peutertuinen, … dit alles met de bedoeling om daar zo zelfstandig mogelijk te kunnen werken. De kinderverzorg(st)er dient kinderen te kunnen opvangen en verzorgen, maar bovendien ook te kunnen instaan voor de aanvullende opvoeding.
Zelfstandig werken maar ook werken in een team ligt binnen de mogelijkheden. Hiervoor dienen vaardigheden van samenwerking met bijvoorbeeld collega’s of ouders ontwikkeld te worden, maar eveneens leren observeren, rapporteren, organiseren van activiteiten.
Kies je voor deze studierichting dan kan je een kwalificatie behalen om als verzorg(st)er aan de slag te gaan in verschillende zorgsectoren.
Belangrijk is dat je een medisch geschiktheidattest van een arbeidsgeneesheer nodig hebt voor je in deze studierichting kan starten. Informeer hiervoor op school of bij de medewerkers van het Centrum voor leerlingenbegeleiding (CLB).
Wat mag je verwachten?

In de beroepsgerichte vakken worden volgende onderwerpen behandeld:
de kinderverzorg(st)er zelf: zelfkennis, arbeidsvoorwaarden, …,
de kinderopvang: werkomgeving, kindgerichte zorg zoals huishoudelijke ondersteuning,…,
kinderen van 0 tot 12 jaar: pedagogisch handelen, activiteiten, kindgerichte zorg bij licht zieke kinderen en kinderen met speciale zorgbehoeften,
ouders en hun omgeving.
Het accent leg je niet meer alleen op de lichamelijke verzorging van de kinderen, maar ook steeds meer op de pedagogische begeleiding bij de ontwikkeling van kinderen, individueel en in groep.
Ook de stages nemen een groot deel van het lesurenpakket in beslag. Elk trimester ga je gedurende enkele weken op stage. Dankzij de stages leer je de kennis, houdingen en vaardigheden die een beginnende kinderverzorg(s)ter dient te bezitten. Stage kan je doen in kinderdagverblijven, in centra voor gezins- en opvoedingsondersteuning, in opvanggezinnen, in de buitenschoolse kinderopvang of in de opvang van zieke kinderen thuis.
En na de 3de graad?

Na dit jaar kan je gaan werken in kinderdagverblijven, opvanginstellingen, naschoolse opvang, in kinderkribben, peutertuinen en allerlei andere vormen van kinderopvang.
Je kan eveneens als onthaalmoeder aan de slag, maar je kan ook instaan voor de zorg van zieke kinderen.
Wettelijk kan je ook starten in het hoger onderwijs, je hebt immers een diploma secundair onderwijs op zak. Toch is dit vervolg niet vanzelfsprekend. Indien je dit overweegt, bespreek dit dan grondig met je ouder(s), je leerkrachten en de medewerkers van het Centrum voor leerlingenbegeleiding (CLB).
Ook in het volwassenenonderwijs bestaan er nog verdere interessante opleidingsmogelijkheden.

Een studierichting voor jou?

In deze studierichting word je voorbereid op het werken als verzorgende/zorgkundige in verschillende omgevingen en in soms ingewikkelde zorgsituaties. Je leert werken in een gestructureerde verpleegkundige ploeg, in diverse zorgsituaties.
In de thuiszorg “zelfstandig” werken, maar ook werken in een team ligt binnen de mogelijkheden. Hiervoor dienen vaardigheden van samenwerking met bijvoorbeeld collega’s of familieleden ontwikkeld te worden, maar eveneens observeren, rapporteren, organiseren van activiteiten.
Als je kiest voor thuis- en bejaardenzorg/zorgkundige wordt het volgende van je verwacht:
je gaat graag om met bejaarden,
je kan met anderen in een team werken,
je bent kritisch in je doen en laten,
je wilt met je enthousiasme en je creativiteit bejaarden blij maken en hun wereld delen,
je wilt mee verantwoordelijk zijn voor de begeleiding van bejaarden,
je voert graag praktische handelingen uit zoals koken, de was doen, een bed opmaken, … en dit zowel bij gezinnen in de thuiszorg als bij bejaarden in de residentiële zorg,
je voert graag verzorgende handelingen bij bejaarden uit.
Belangrijk is dat je een medisch geschiktheidsattest van een arbeidsgeneesheer nodig hebt voor je in deze studierichting kan starten. Het onderzoek wordt door de school georganiseerd in samenwerking met IDEWE.
Je moet immers eerst zelf gezond zijn voor je een ander goed kan verzorgen. Voor meer informatie kan je op school terecht.
Wat mag je verwachten?

In de beroepsgerichte vakken worden volgende onderwerpen behandeld:
kwaliteitszorg en zorgvisie,
werken in verschillende werkomgevingen,
omgaan met zorgvragers en hun omgeving,
directe persoonsgerichte hulp verlenen,
indirecte persoonsgerichte hulp verlenen zoals hulp in de huishouding,
specifieke zorgsituaties zoals bij mensen met een handicap, kraamgezinnen, in een palliatieve situatie.
De nadruk ligt op de omgang met de zorgvrager en zijn familie, het benaderen van de zorgvrager en zijn omgeving op een gezondheidsbevorderende manier en het zelfstandig organiseren van goede zorg voor leef- en woonsituaties van de zorgvrager. Vanzelfsprekend hecht je veel belang aan flexibel, creatief en teamgericht werken.
Naast de bejaarde zorgvrager in de instellingen en de thuissituatie komen ook de gezinnen en mensen met een handicap aan bod. Theorie en praktijk vullen elkaar aan doorheen de opleiding en bereiden de leerlingen voor op de stages en het werkveld van de zorgkundige /gezins- en bejaardenhelp(st)er.
Ook de stages nemen een groot deel van het lesurenpakket in beslag. Elk trimester ga je gedurende enkele weken op stage. Dankzij de stages leer je de kennis, houdingen en vaardigheden die een goede verzorg(st)er dient te bezitten. De stageplaatsen zijn enerzijds in woon- en zorgcentra op diensten met een iets complexere zorgbehoefte of een dienst met dementerenden. Voor enkelen is er plaats in het ziekenhuis van Reet of in een dagcentrum voor personen met een handicap in Puurs.
Anderzijds is er de thuiszorg om je huishoudelijke kwaliteiten te beoefenen.
En na de 3de graad?

De studierichting thuis en bejaardenzorg/ zorgkundige is in de eerste plaats een arbeidsmarktgericht studierichting.
Na dit jaar kan je wel de erkende titel “Zorgkundige” bij het ministerie van volksgezondheid aanvragen waardoor je (buiten de thuiszorg) ook kan werken met zorgvragers die verblijven in een rust- en verzorgingstehuis, gehandicaptenzorg, psychiatrische instelling. Dit gebeurt wel in een team onder begeleiding van een verpleegkundige of maatschappelijk werker.
Je kan ook starten in het hoger beroepsonderwijs en het hoger onderwijs, je hebt immers een diploma secundair onderwijs op zak. Toch is dit vervolg niet vanzelfsprekend. Indien je dit overweegt, bespreek dit dan grondig met je ouder(s), je leerkrachten en de medewerkers van het Centrum voor leerlingenbegeleiding (CLB).
Ook in het volwassenenonderwijs bestaan er nog verdere interessante opleidingsmogelijkheden.