Elk kind is een kunstenaar. De kunst is er een te blijven als je groot wordt!
Onze visie
Missie & visie
In OLVI-eerste graad zijn alle kinderen van harte welkom. We bieden aan alle leerlingen gelijke groeikansen en mogelijkheden zodat ze optimaal kunnen ontplooien volgens hun eigen talenten en interesses. We willen elke leerling geven waar hij/zij recht op heeft. Uiteindelijk gaat het dan niet om gelijke kansen maar om de beste kansen voor elke leerling.
OLVI-eerste graad steunt op vier pijlers:
- een verlengde algemene basisvorming na de lagere school met een sterk gemeenschappelijk lessenpakket
- uitstel van het studiekeuzemoment en een stapsgewijze oriëntatie naar een meer concrete studierichting in het derde jaar
- opvang van alle leerlingen met respect voor hun eigenheid in kennen en kunnen, in leersnelheid en motivatie
- een sterk uitgebouwde begeleiding van alle leerlingen op het vlak van leren leren, leren leven en leren kiezen
De leerlingen maken kennis met alle verkennende projecten die als basisoptie gekozen kunnen worden in het tweede jaar.
Op deze manier kunnen ze stap voor stap een weloverwogen keuze maken voor een interessedomein en studierichting in het derde jaar.
In het eerste jaar A krijg je de tijd om rustig de overgang te maken tussen het basis- en het secundair onderwijs. In 1A krijgen alle leerlingen 27 lesuren algemene vorming. Leerlingen kiezen daarnaast voor Latijn of Verkennende projecten. Kies je voor Latijn, dan kan er slechts 1 flex-uur (Frans) toegevoegd worden. Voor deze groep ligt het tempo voor Nederlands en wiskunde hoger (geen flex voor deze vakken) dan in de andere 1A-klassen. Kies je voor Verkennende projecten; dan wordt de algemene vorming aangevuld met 3 flex-uren (Frans, Nederlands en wiskunde). In 2A moet er voor de algemene vorming er geen keuze gemaakt worden. Op basis van de persoonlijke noden en sterktes krijgt de leerling in het tweede jaar een aangepaste lesaanpak voor de algemene vorming: eerder abstract of concreet. De klassenraad bepaalt het profiel van de leerling op basis van de ervaringen en resultaten in het eerste jaar. In een abstracte klasgroep is er ruimte voor uitdaging en complexere opdrachten. De leerling kan meer zelfstandig aan de slag met korte instructies. Heeft de leerling meer nood aan begeleiding, structuur en een klassikale aanpak, dan zal die ingedeeld worden in een concrete groep.
Leerlingen die in de lagere school maar net de eindtermen behaalden of ze net niet behaalden, krijgen de kans om hun basisvorming in 1B te verstevigen. Nieuwe leerstof komt aan bod, maar je herhaalt ook veel uit de lagere school. We werken in klasgroepen van max. 12 leerlingen, zodat een meer individuele aanpak mogelijk wordt.
Zowel in de A-stroom als in de B-stroom moeten er op het vlak van algemene vorming dus geen keuzes gemaakt worden. De leerlingen krijgen de tijd om rustig verder te ontwikkelen en zichzelf beter de leren kennen. Pas aan het einde van de eerste graad worden zij georiënteerd naar 1 van de 4 finaliteiten.
Leerlingen in 1A moeten enkel bepalen of ze voor Latijn kiezen of voor Verkennende projecten. Leerlingen die voor Verkennende projecten kiezen, verkennen 3 interessedomeinen (STEM, Economie en organisatie en Maatschappij en welzijn). In 2A kiezen de leerlingen zelf 1 basisoptie (Latijn, STEM, economie en organisatie of maatschappij en welzijn).
Enkel voor Latijn is het aangewezen om deze keuze vanaf het eerste jaar te maken. De keuze voor één van de andere domeinen is niet bepalend voor een latere keuze van een studierichting.
Zowel in 1B als in 2B worden de interessedomeinen economie en organisatie en maatschappij en welzijn uitgebreid verkend. Andere domeinen komen beperkt aan bod in 2B als bredere verkenning van de interesses van de leerlingen.
Het is, zowel voor leerlingen van de B-stroom als voor leerlingen van de A-stroom, dus pas aan het einde van het 2de jaar dat zij een meer specifieke studierichting kiezen.
Zowel leerlingen die handig zijn met hun verstand als leerlingen die verstandig zijn met hun handen zijn welkom op OLVI.
Onderzoek wijst uit dat een grote diversiteit in een klasgroep en op school een aantal voordelen heeft:
Het stimuleert de sociale vaardigheden. Ze leren omgaan met jongeren die andere interesses en manieren van werken hebben, ze ontdekken dat niet iedereen het altijd even makkelijk heeft, dat niet iedereen altijd hetzelfde idee, dezelfde mening/ervaring heeft.
Bij het uitwerken van een taak kunnen de creativiteit van een leerling en de nauwgezetheid van een andere leerling elkaar perfect aanvullen zodat het uiteindelijke resultaat voor beide leerlingen sterker wordt. Op die manier leren leerlingen omgaan met hun eigen sterktes en zwaktes maar ook met die van de andere leerlingen.
Verschillende initiatieven zorgen voor extra aandacht voor Leren leren:
- onderdeel startactiviteiten eerste jaar;
- 1u Leer- en LeesLab in het eerste jaar o.l.v. de titularis;
- toepassing van de leren lerentips in de verschillende vakken;
- ondersteuning georganiseerd door de zorgcoördinator en/of taalzorgcoördinator eventueel i.s.m. een externe partner;
- huiswerkklas mogelijk op maandag, dinsdag en/of donderdag;
- mogelijkheid om op school te studeren tijdens de proefwerken.
Leren leven wordt ondersteund door onze VIP-werking (leerlingbegeleiding op socio-emotioneel vlak) in samenwerking met onze coaches van K’Baam (leerlingenraad).
Leren kiezen zit ingebed in onze brede eerste graad. Leerlingen en ouders worden geleidelijk aan meegenomen in dit proces, ondersteund door de leerkrachten en het zorgteam i.s.m. het CLB.